Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen

Thuispagina - Persmededelingen - Leden - Statuten - Historiek - Logo

 

Kort historisch overzicht van het OVV

Publicatie: 2 maart 2002

Het initiatief voor een "overlegcentrum" werd in 1964 genomen door Clem de Ridder (Davidsfonds), die eerst contact nam met het Vermeylenfonds (Achilles Mussche) en het Willemsfonds (Adriaan Verhulst), en later met het Verbond der Vlaamse Academici (Walter Opsomer), de Vlaamse Volksbeweging (Paul Daels) en het Verbond van Vlaams Overheidspersoneel (Robert Vandezande).
Het OVV stak op 13 mei 1966 feitelijk van wal met 30 toetredende verenigingen en in 1968 werd het uitgebreid tot 49.

In 1967 organiseerde het "Nationaal Komitee 5 november", opgericht onder impuls van het OVV, een nationale betoging te Antwerpen. De eisen waren: de overheveling van "Leuven Frans" naar Wallonië, de splitsing van de Vrije Universiteit Brussel in een Nederlandstalige en Franstalige universiteit, de toepassing van de taalwetgeving, de afbakening van de Brusselse olievlek, meer armslag voor het Nederlandstalig onderwijs te Brussel en een nationaal statuut voor Brussel.
Op 9 november 1968 hield het OVV een "Staten-generaal van de Vlaamse verenigingen" en kon een belangrijke stap voorwaarts inzake het universitair onderwijs worden geacteerd: de Leuvense universiteit werd gesplitst op 4 oktober 1968. De splitsing van de Brusselse universiteit zou volgen op 24 januari 1969.

Op 13 juni 1971 richtte het OVV een "Algemeen Vlaams Congres" in; in de resoluties werden volgende voorstellen en/of eisen vermeld: fusie van de 19 Brusselse gemeenten, oprichting van een afzonderlijk kiesarrondissement Halle - Vilvoorde, definitieve afbakening van Brussel-19 en strikte toepassing van de taalwetgeving.
In juli 1972 publiceerde het OVV een "Vlaams Manifest voor Brussel", waarin een 7-puntenprogramma voor Brussel werd voorgesteld, ondertekend door 94 prominente Vlamingen uit de academische, politieke, culturele en sociaal-economische sectoren. Op 24 november 1974 werd door het OVV een tweede betoging ingericht in Halle naar aanleiding van de onderhandelingen van Steenokkerzeel over de gewestvorming. De betoging was gericht tegen de verdere uitbreiding van het aantal gemeenten met faciliteiten, tegen de verfransing in Vlaams-Brabant, voor een eigen kiesarrondissement Halle - Vilvoorde, en voor de beperking van Brussel-19.

Bij de viering van het 10-jarige bestaan van het OVV spraken de aangesloten verenigingen zich unaniem uit voor een hervorming van de staat in federale richting. Tijdens die herdenkingszitting op 25 mei 1976 werd de "Verklaring van de Acht" voorgelezen: een tekst ondertekend door 8 schrijvers, namelijk Louis Paul Boon, André Demedts, Marnix Gijsen, Hubert Lampo, Maria Rosseels, Gerard Walschap, Albert Westerlinck en Anton van Wilderode. In die tekst werd opgeroepen om de taalgrens en de afbakening van Brussel-19 als definitief te beschouwen.
In de periode tussen de oprichting van het OVV en 1976 kende het OVV achtereenvolgens als voorzitters: Adriaan Verhulst, Clem de Ridder, Aloïs Gerlo (Vermeylenfonds), opnieuw Clem de Ridder, een Quadrumviraat [Carlo Heyman (Davidsfonds), Adriaan Verhulst, Aloïs Gerlo, Paul Daels], Carlo Heyman en in 1976 terug Aloïs Gerlo.

In 1977 werd het "Egmontpact" tussen de meerderheidspartijen afgesloten: daarin werden afspraken gemaakt voor Brussel en de Rand, over autonomie voor gemeenschappen en gewesten en over een hervorming van de staatsinstellingen, doch het bevatte ook het "inschrijvingsrecht". Door dat inschrijvingsrecht konden Franstaligen uit 14 Vlaams-Brabantse gemeenten, waaronder de 6 faciliteitengemeenten, zich fictief inschrijven in een Brusselse gemeente met het oog op taalkundige faciliteiten en stemrecht in Brussel.
Het Davidsfonds leidde het verzet tegen het pact, doch aangezien Aloïs Gerlo met het Vermeylenfonds weigerde mee te reageren, bleef het OVV als dusdanig afzijdig. Er werd actie gevoerd door het opgerichte "Egmontkomitee" met ondermeer betogingen in Dilbeek (1977) en Gent (1980); de betoging te Gent werd afgesloten met toespraken van onder meer Adriaan Verhulst.
Het Egmontpact ging niet door.
Het voorzitterschap van het OVV werd overgenomen door Adriaan Verhulst en daarna door Roland Laridon die in 1983 het woord voerde tijdens een OVV-betoging te Hasselt, die plaats had onder het motto "zelfbestuur" met als eis een nieuwe staatshervorming; die betoging ging door zonder de medewerking van het hoofdbestuur van het Willemsfonds.
Daaropvolgende voorzitters waren Clem de Ridder, Ernest van Buynder (Willemsfonds) en Lieven Van Gerven (Davidsfonds).

In 1990 en 1991 hield het OVV twee betogingen te Brussel via het opgerichte "Aktiekomitee Vlaanderen 90". Tijdens de betoging van 1990 werd de klemtoon gelegd op de eis "echt zelfbestuur", tijdens die van 1991 op het thema "Taalgrens is staatsgrens, ook in Brabant".
In 1992 werd het "St. Michielsakkoord" afgesloten, dat België omvormde tot een federale staat: gemeenschappen en gewesten kregen een rechtstreeks verkozen parlement en het dubbelmandaat (federaal/gemeenschaps-of gewest-) werd afgeschaft, de provincie Brabant werd gesplitst en de deelregeringen kregen internationaal verdragsrecht in de materies waarvoor ze bevoegd waren.
Na het Sint-Michielsakkoord waren Willemsfonds en Vermeylenfonds niet geneigd om mee te gaan voor meer verregaand Vlaams zelfbestuur (o.a. communautarisering van de sociale zekerheid) en haakten ze geleidelijk af.
Tussen de OVV-verenigingen werd in de daarop volgende jaren een consensus bereikt over het verder streefdoel als een zo ruim mogelijk Vlaams zelfbestuur met inspraak in Europa, zonder zich vast te pinnen op een bepaalde formule: de keuze tussen confederalisme en een onafhankelijke staat bleef open. Die consensus werd verwoord in het OVV-memorandum "Vlaanderen, staat in Europa" in 1995 onder het voorzitterschap van Lieven Van Gerven.
Lieven Van Gerven werd in 1995 als voorzitter opgevolgd door Clem de Ridder. Later volgden Matthias Storme (september 1996-januari 2000), Bob Wezenbeek (2000), Peter De Roover (2000-2001), Eric Ponette (2001-2003) en Boudewijn Bouckaert (2003-). In 1998 en 1999 organiseerde het OVV tweemaal een meeting "Vlaanderen, Staat in Europa", in 1998 in Antwerpen en in 1999 op de Heizel, in 1998 voorafgegaan door een kort manifest door honderden prominenten ondertekend.

In 1987 vatte het presidium van het OVV de rol en de werking van het OVV samen als volgt:
"Het OVV bestaat uit Vlaamse cultuur- en strijdverenigingen van verschillende ideologische en levensbeschouwelijke strekkingen...
De rol van het OVV bestaat erin het "geweten" en "de stem" van Vlaanderen permanent te confronteren met de politici...
Zijn voorlichtings-, overleg- en actiefunctie vervult het OVV d.m.v. moties, verklaringen, gesprekken met politici, voorlichtingsvergaderingen, congressen en betogingen.
Het OVV vervult de rol van parlement van Vlaamse verenigingen dat alle Vlaamse partijen wil aanspreken en wijzen op de fundamentele doelstellingen van de Vlaamse Beweging.
De eendracht maakt de eigenheid en de waarde van het centrum uit. Slechts samenwerking, dynamisme, inzicht en volgehouden inspanning kunnen onze beweging ten goede komen en de verwezenlijking van onze doelstellingen naderbij brengen."

37 jaar na de oprichting van het OVV en 16 jaar na hogervermelde presidium-verklaring kan het huidige Dagelijks Bestuur van het OVV die verklaring met overtuiging herbevestigen.

Naschrift: Voor de opstelling van deze korte historiek van het OVV werd geput uit de "Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging", uit OVV-archieven en uit interviews.
Eventuele nuttige aanvullingen zijn welkom.

Eric Ponette
OVV-voorzitter
2 maart 2003